Verbod op videosollicitaties in Nederland kan worden omzeild

Het verbod op videosollicitaties in Nederland, dat is ontstaan met de wet op persoonsgegevens, is het ongewenste gevolg van een langzame uitholling van de mensenrechten. Blockchain kan de problemen omzeilen.

In het artikel van Michel Rijnders van afgelopen vrijdag werd in één opslag duidelijk dat wetgeving er soms ongewenste bijeffecten op na laat. Hij beschreef hoe wetgeving een probleem veroorzaakte voor werkgevers die sollicitanten de mogelijkheid boden zich via videoberichten te presenteren. 

De wet op persoonsgegevens zorgt er voor dat bedrijven die met videosolliciteren hun brood verdienen Nederland van hun lijst met kansrijke markten af kunnen strepen. De wet maakt van videosolliciteren in Nederland praktisch gezien een te lastige optie. Dit is een flinke tegenvaller voor allerlei innovatieve spelers in de werving en selectie. De wet op persoonsgegevens is zo ontworpen dat specifieke informatie, die een sollicitant overdraagt, kan leiden tot een overtreding van de wet door de werkgever. Door een sollicitatievideo geeft de sollicitant informatie vrij over zijn persoon die de ontvangende partij niet zomaar mag krijgen. Een snelle oplossing lijkt er voor Nederland vooralsnog niet te zijn waardoor het devies nu is om Skype uit te schakelen en sollicitanten ouderwets de bus of trein weer in te sturen.

Data eigendom

Het gaat in deze en vergelijkbare situaties feitelijk om data-eigendom. “Wie beschikt en gaat over welke informatie?”, is de vraag die steeds opnieuw niet makkelijk valt te beantwoorden. De video van een videosollicitant laat data los over het geslacht en het ras van de sollicitant terwijl de wet voorschrijft dat die informatie alleen mag worden overgedragen naar de werkgever als de sollicitant daar formeel akkoord mee is. Het feit dat de sollicitant zijn of haar ras bekend maakt met het tonen van de sollicitatievideo is juridisch gezien dan ook niet kies, waardoor de werkgever in de problemen zou kunnen komen. De wet is gericht op een oude realiteit waarin digitale communicatie een kleine rol speelde. Wanneer de sollicitant even langs zou lopen bij een werkgever om zijn of haar CV persoonlijk af te geven, is er geen vuiltje aan de lucht, terwijl dezelfde data wordt overgedragen over de sollicitant richting werkgever, enkel via een andere drager.

Bovenstaande leidt tot de schokkende constatering dat nieuwe wetgeving in dit geval leidt tot uitholling van het recht van burgers om zelfstandig te kunnen beschikken over hun eigen identiteit.

Een sombere toekomst

Het is vervelend om te zien; Een goed bedoelde wet, die veel tijd nodig heeft gehad om te ontstaan, past niet bij de maatschappelijke omgeving waarmee het te maken krijgt wanneer ze operationeel is. Dit soort problemen, die voortkomen uit het steeds ingewikkelder wordende samenspel van overheden en bedrijfsleven, zorgen er steeds vaker voor dat burgers en consumenten het nakijken hebben.

Vergeleken met andere landen is in Nederland deze problematiek rond zelfbeschikking over persoonlijke gegevens nog pril te noemen. In de VS nemen de problemen rond data-ownership inmiddels gigantische proporties aan. De grootste bedrijven van onze planeet zijn in gevecht met hun overheden in de bescherming van de privacy van hun consumenten. Bedrijven als Apple en Facebook beschuldigen overheden van het uithollen van de mensenrechten nu Amerikaanse overheden van deze organisaties persoonlijke en privacygevoelige informatie over hun klanten eisen, voor niet nader omschreven onderzoeksdoeleinden.

Het debat in de VS is op scherp komen te staan nu bedrijven de data van hun klanten beginnen te versleutelen met encryptiesoftware, om deze te beschermen tegen nieuwsgierige derden – zoals hackers en in dit geval eveneens de overheid. Met de versleuteltechniek kunnen de gegevens alleen nog worden gelezen door de eigenaren van de data: de gebruikers van de apps en websites die deze bedrijven aanbieden. De bedrijven zelf hebben door de versleuteling ook geen toegang meer tot de gegevens, wat gezien hun verdienmodellen bijzonder is te noemen. Nu bedrijven de felbegeerde data terugleggen in de handen van het publiek, blijft de vraag over of het publiek volgens de wetgevende instanties ook de wetmatige eigenaren zijn.

Nu bedrijven de felbegeerde data terugleggen in de handen van het publiek, blijft de vraag over of het publiek volgens de wetgevende instanties ook de wetmatige eigenaren zijn.

De verwikkelingen leiden voorlopig nog tot veel vragen en hoe dit in de VS zal aflopen is nog de vraag. In Europa ziet de toekomst er niet goed uit nu de Europese Unie, naar Amerikaans voorbeeld, een “data-protection directive” wil uitrollen. De vrees heerst dat veel nieuwe problemen kunnen opstapelen tot ze de de omvang hebben bereikt zoals in de VS.

De oplossing: publieke software

Vanuit technologische kraamkamers wordt gewerkt aan een oplossingen voor een vernieuwde balans tussen de mogelijkheid om autonoom over data te beschikken, aan mogelijkheden om te voldoen aan privacy-eisen en aan nieuwe manieren om data-eigendom te organiseren.

In het voorbeeld van de videosollicitant kunnen de innovaties er voor zorgen dat juridische geschillen als deze – ten gevolge van het overdragen van persoonlijke gegevens over ras – worden uitgesloten, zonder de wet te hoeven veranderen. De techniek, die wordt ontwikkeld op basis van blockchain protocollen, biedt mogelijkheden voor betrouwbare dataoverdracht waarmee burgers (hier de sollicitant) zelf weer kunnen beschikken over het recht om data te bezitten en te overhandigen. De ontwikkelingen in het bedrijfsleven en de opkomst van regelgeving binnen overheden dreigen dit recht langzaam van particulieren te ontnemen. Data-eigendom wordt met de publieke open-source technologie herwonnen door particulieren.

In de case met de videosollicitant is volgens Arnoud Engelfriet de juridische conclusie onontkoombaar: videosolliciteren mag alleen als vrijwillige keuze. Deze keuze is op dit moment echter niet makkelijk te maken. Particulieren hebben geem eenvoudige manier om aan tegeven hoe ze over bepaalde privacy of keuzes rond data-eigendom denken. Tot nu toe worden gegevens voor particulieren opgeslagen in systemen van de overheid en in systemen binnen het bedrijfsleven. Met de ondersteuning van de blockchain ontstaat de mogelijkheid dit stukje van het recht op zelfbeschikking in de moderne maatschappij terug te geven aan de burger. Dit wordt mogelijk door burgers controle te geven via de cryptografische software over zijn of haar eigen (digitale) identiteit.

Met de software, die door gebrek aan subsidie vaak nog enkel als prototype bestaat, wordt het mogelijk om een hoge mate van zekerheid en vertrouwen in te brengen in relaties tussen mensen, bedrijven en overheden. Dit vertrouwen wordt digitaal bekrachtigd met de hulp van state-of-the-art cryptografische algoritmes. Deze digitale vorm van vertrouwen belooft meer zekerheid en betrouwbaarheid te kunnen bieden dan de juridische systemen dat kunnen. De software neemt onzekerheden weg bij betrokkenen in handelsrelaties en andere vormen van interactie, zoals bij de videosollicitant. Partijen die deelnemen aan een transactie en deze techniek gebruiken genieten als voordeel dat er niet langer een “central point of failure’ bestaat in hun relatie. Dit verminderde risico heeft positieve gevolgen voor het resultaat van de relatie doordat het leidt tot minder juridische geschillen en kosten. Het gevolg is noemenswaardig te noemen: efficiënter en betrouwbaardere formele interacties tussen instellingen, bedrijfsleven en particulieren.

De rol van de overheid

Er is voor de overheid een uitdagende taak weggelegd om ervoor te zorgen dat de ongewenste gevolgen – voor consumenten en bedrijfsleven – ten gevolge van regelgeving op het gebied van data-eigenaarschap en -beschikbaarheid niet verder toenemen. Met regelgeving vanuit Europa is het voor overheidsinstanties soms nog lastig uitleg te geven bij beslissingen die particulieren raken. Een manier voor particulieren en bedrijfsleven is om onwenselijke gevolgen door regelgeving te omzeilen is door gebruik te maken van moderne cryptografische technologie. Als overheidsinstellingen zich in deze ontwikkeling verenigen en meehelpen om de kraamkamers van deze innovaties te beschermen en te stimuleren is er een uitgewezen kans om onwenselijke complicaties van wetgeving, zoals met de videosollicitaties, voorgoed te voorkomen.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

50 + = 51